Acht jaar geleden gooide Tim het roer om. Hij verruilde zijn werk in de beveiliging voor de gehandicaptenzorg en ging daarnaast weer naar school voor de opleiding Verzorgende IG. Inmiddels kan hij zich nauwelijks voorstellen dat hij ooit iets anders deed. Op de woongroep draait zijn werk om contact maken, goed kijken naar wat een cliënt nodig heeft en kunnen schakelen als de situatie daarom vraagt. En daar komt regelmatig een flinke dosis humor bij kijken.

Een onverwachte kennismaking

“Ik had acht jaar geleden echt niet gedacht dat ik in de gehandicaptenzorg zou gaan werken”, vertelt Tim. “Ik werkte in de beveiliging, maar wilde graag overdag werken. Nachtdiensten vond ik, zeker met een gezin, niet zo’n ideale combinatie. Via mijn zwager kwam ik bij De Twentse Zorgcentra terecht. Hij werkte daar als logistiek medewerker en het rondbrengen van boodschappen, maaltijden, medicatie en linnengoed leek me eigenlijk ook wel wat.”
Al snel kon Tim aan de slag als logistiek medewerker. “Tegelijkertijd reed ik ook op de buurtbus waar ik kwam steeds vaker in contact kwam met cliënten. Ik maakte een praatje, leerde mensen kennen en merkte dat mijn beeld van de gehandicaptenzorg veranderde. Op een gegeven moment dacht ik: dit vind ik gaaf. Hier wil ik wel werken.” Die kennismaking bleek het begin van een heel nieuwe richting. Tim besloot zich te laten omscholen en weer naar school te gaan.

Weer naar school

Vier dagen per week werkte Tim op de groep en één dag zat hij in de schoolbanken voor zijn opleiding Verzorgende IG. Een combinatie die goed te doen was, al zat de uitdaging volgens hem vooral in alles wat naast het werk en de lessen kwam. Tim: “De opleiding zelf vond ik eigenlijk goed te doen. Het was vooral een kwestie van plannen en de tijd goed verdelen tussen je gezin, je werk en school. Maar het was het meer dan waard. Tijdens de opleiding ontdekte ik dat de theorie mij een goede basis gaf, maar dat het echte vak vooral in de praktijk werd geleerd. De opleiding is vrij algemeen en meer gericht op ouderenzorg. Je leert natuurlijk de basis, maar het werken met deze doelgroep leer je echt door het te doen. Ik had een ontzettend goede begeleider en dat heeft me enorm geholpen. Je leert kijken naar mensen, situaties inschatten en vooral dat niet alles volgens een boekje gaat.”

Van opleiding naar woongroep

Na twee jaar haalde Tim zijn diploma. Hij bleef werken op de groep waar hij tijdens zijn opleiding was begonnen: Amelinklaan 33-35, een woning op zorgpark ’t Bouwhuis in Enschede. Een korte periode op de dagbesteding volgde, maar al snel merkte hij waar zijn hart lag. “Werken op een woongroep. Dat vind ik toch het mooiste”, vertelt Tim. “Hier wonen twaalf cliënten tussen de 55 en 80 jaar met een ernstige verstandelijke beperking. Het is een huis met verschillende karakters en zorgvragen, dat maakt het heel interessant. In de afgelopen jaren heb ik de bewoners goed leren kennen. Ik weet wie graag een grapje maakt, wie behoefte heeft aan wat extra rust en bij wie ik soms net even op een andere manier binnen moet komen. En dat vind ik mooi. Je bent bij iemand thuis. Of eigenlijk: het is óns huis. Je creëert het samen met cliënten en begeleiders.”

Je hoeft niet vooraf alle puzzelstukjes te kennen. Dat deed ik acht jaar geleden ook niet. Ik wist alleen dat ik iets anders wilde. Je moet vooral bereid zijn om te beginnen met leggen.Dan zie je vanzelf hoe de puzzel in elkaar valt.”

Humor als sleutel tot contact

Humor is voor Tim een belangrijk onderdeel van het contact met cliënten. “Dat hoort bij mij. Ik ben een lolmaker. Ik vind het gewoon leuk om een beetje gek te doen en mensen aan het lachen te maken. Humor kan helpen om cliënten op hun gemak te stellen. Een grapje kan precies zijn wat iemand nodig heeft om te ontspannen of contact te maken.”

Dat betekent overigens niet dat Tim voortdurend de clown uithangt. Hij vertelt: “Humor werkt alleen als je weet wanneer het kan en bij wie. De ene persoon vindt het geweldig als je een beetje gek doet en de andere persoon zit daar op dat moment helemaal niet op te wachten. Dan moet je dat ook gewoon aanvoelen. Je kunt niet bij iedereen dezelfde aanpak gebruiken.”

De grapjes van Tim vallen bij Rene goed in de smaak.

Goed kijken en blijven afstemmen

Voor Tim begint goede begeleiding daarom vooral met kijken en luisteren. “Wat gebeurt er? Wat vertelt iemand mij? Wat heeft iemand vandaag van mij nodig? Soms denk je dat je precies weet hoe je iets moet aanpakken, maar dan merk je dat het vandaag toch anders loopt. Dan moet je kunnen schakelen. Bij cliënten met autisme vergelijk ik dat met het leggen van een puzzel. Alle signalen, gewoontes en behoeften zijn eigenlijk puzzelstukjes. Als begeleider probeer je die stukjes bij elkaar te leggen om te begrijpen wat iemand nodig heeft. Soms lijkt de puzzel compleet, maar merk je dat er toch nog een stukje ontbreekt. Dan moet je opnieuw kijken: wat zie ik, wat vertelt iemand mij en wat heeft hij of zij nodig? En dat maakt het werk juist zo interessant. Aan het einde van de dag moet de puzzel gewoon kloppen. En het liefst ook nog op volgorde.”

Ook binnen het team vindt Tim die ruimte om zichzelf te zijn. “We hebben een ontzettend fijn en gezellig team. We staan voor elkaar klaar en helpen elkaar waar nodig. Dat vind ik belangrijk, want het werk is serieus en je hebt een grote verantwoordelijkheid, maar het hoeft niet de hele dag zwaar te zijn.”

Tim aan het wandelen met Rene.

Een ander beeld van de gehandicaptenzorg

Toen Tim aan zijn overstap begon, had hij zelf nog maar een beperkt beeld van de gehandicaptenzorg. “Mensen hebben vaak een heel specifiek beeld. Ze denken bijvoorbeeld aan mensen met het syndroom van Down die zelfstandig van alles ondernemen, of juist aan heel zware zorg. Maar het is zoveel breder. Er zijn binnen De Twentse Zorgcentra zoveel verschillende cliënten en niveaus. En juist dat is mooi. Op mijn eigen groep woont bijvoorbeeld een cliënt met een ernstige verstandelijke beperking. Aan haar zie je niet meteen hoeveel ze lichamelijk kan. Ze voert allerlei taken uit en kan ontzettend veel. Dat zie je niet op een foto. Je moet het echt meemaken. Je kunt iemand op papier een bepaald niveau geven, maar daarmee weet je nog niet wie die persoon is en wat hij of zij allemaal kan. Voor mij is dat precies wat de gehandicaptenzorg zo interessant maakt. Je leert de persoon achter de beperking kennen en ontdekt steeds weer wat iemand kan, wil en nodig heeft.”

Mensen hebben vaak een bepaald beeld van de gehandicaptenzorg, maar dat klopt niet altijd met de werkelijkheid. Je moet het eigenlijk gewoon zelf ervaren. Maak kennis met de cliënten, zie wat ze allemaal kunnen en ontdek hoe mooi het is om bij te dragen aan hun leven.”

Gewoon beginnen met leggen

Als Tim terugkijkt op de afgelopen acht jaar, is hij blij dat hij destijds de stap heeft gezet. Voor mensen die nieuwsgierig zijn naar de gehandicaptenzorg heeft Tim een eenvoudig advies: “Loop eens een woning binnen. Maak kennis met de cliënten. Zie wat er gebeurt. Want er gebeurt veel meer dan mensen misschien denken. Cliënten gaan naar hun werk of dagbesteding, maken een praatje, ondernemen activiteiten en hebben hun eigen leven. Als begeleider sluit je aan bij wat de dag brengt.

Net als Tim ook een overstap maken naar de gehandicaptenzorg?

Bij De Twentse Zorgcentra bieden we verschillende leerwerkplekken (BBL) aan. Benieuwd hoe werken en leren in de gehandicaptenzorg eruitziet? Tijdens onze informatiebijeenkomsten ontdek je welke mogelijkheden er zijn binnen onze organisatie, maak je kennis met verschillende doelgroepen en krijg je een beeld van jouw toekomst in de gehandicaptenzorg. Natuurlijk is er volop ruimte om vragen te stellen.

Nieuwsgierig? Bekijk onze agenda en ontdek wanneer de volgende informatiebijeenkomst plaatsvindt.

Klik op de button om naar onze agenda te gaan.

 

Meer informatie