Project 18-, De Jeugd van Tegenwoordig

Vanaf 1 januari 2015 zijn de gemeenten, naast de Wmo voor volwassenen, ook verantwoordelijk voor de uitvoering van de Jeugdwet. Ook zal het Passend Onderwijs het komende schooljaar worden ingevoerd met effect op de financiering voor het speciaal onderwijs. De meest kwetsbare kinderen, die blijvend zijn aangewezen op zorg en permanent toezicht, krijgen wel recht op zorg vanuit de nieuwe Wet Langdurige Zorg (WLZ) als opvolger van de AWBZ.

 

Kortom, heel veel veranderingen voor de doelgroep kinderen tot 18 jaar. Maar welke impact gaan al deze veranderingen hebben op onze (huidige en nieuwe) cliënten tot 18 jaar? En hoe gaan we hier als organisatie dan mee om?

 

Vorig jaar is er door de kwartiermaker Wmo al heel veel in beeld gebracht vanuit het cliëntenbestand van De Twentse Zorgcentra en is alle informatie verzameld in een zeer uitgebreide database. Deze informatie is door ons ook gebruikt voor het invullen van de marktconsultatie Jeugd (een regio-brede inventarisatie van de aantallen cliënten en typen zorgverlening voor kinderen/jeugd tot 18 jaar) die de 14 Twentse gemeenten in oktober 2013 aan alle organisaties stuurden.

 

Voor de Twentse Zorgcentra gaat het om zorg en begeleiding aan 516 cliënten beneden de leeftijd van 18 jaar. Het merendeel van deze cliënten (500) neemt extramurale dagbesteding of ambulante begeleiding af. Daarbij zijn er 215 cliënten die meerdere producten afnemen van de Twentse Zorgcentra. We hebben als Twentse Zorgcentra in de regio’s best veel mooie diensten en voorzieningen voor kinderen, gekoppeld aan deskundigheid. Hoe kunnen we die inzetten en benutten bij de komende transities?

 

Veranderend speelveld

Het lokale/ regionale landschap en de financiering van zorg voor jeugd (inclusief de PGB financiering)) zal door de transities ingrijpend wijzigen. De regelgeving vanuit de overheid en de uitvoering door gemeenten wordt stapje voor stapje nu wel steeds duidelijker maar zijn er nog steeds veel vragen en onduidelijkheden over o.a. de exacte- en concrete omschrijvingen en uitwerkingen, over de tarieven en het overgangsrecht.

 

De verwachte stemming en koers van gemeenten is dat men inzet op het faciliteren van zorg thuis (eigen kracht), dat men vindt dat het goedkoper kan en niet wil inkopen bij “dure organisaties” met veel overhead. Wel zal er specialistische zorg nodig blijven voor ernstig (meervoudig) beperkte kinderen. Eind april verwachten we meer informatie te hebben van de 14 gemeenten over de manier waarop ze de zorg en begeleiding voor kinderen in Twente willen gaan inkopen.

 

Het is natuurlijk belangrijk dat De Twentse Zorgcentra eerst de effecten van de transitie(s)voor de eigen cliënten in beeld heeft en van daaruit de juiste keuzes kan maken. Anderzijds werken we ook nauw samen met andere partijen omdat we soms een onderdeel zijn in een keten voor kinderen en jeugd. Soms in een ketenverband (o.a. Integrale Vroeghulp, Hulp aan huis, Eigen Kracht jeugd-LVB) en soms bilateraal met o.a. Aveleijn en Ambiq. Sinds 2012 nemen we al actief deel aan PPT Jeugd als netwerkwerkorganisatie van zorg- en welzijnsinstellingen gericht op jeugd. Vanuit dit platform is het ook beter om een gezamenlijke partner te zijn naar de (14) gemeenten. Binnenkort zal de naam PPT-jeugd wijzigen in ‘Jeugdpartners Twente’.

 

Project 18-

Op 25 maart 2014 is de kick-off geweest van het project 18- ,met een presentatie door Joyce Jacobs als projectleider en door Elly van de Helm vanuit PPT-Jeugd. Aansluitend is de doelstelling van dit project geformuleerd en ook een opdracht aan een drietal werkpakketten.

 

Doelstelling

Welke toekomstbestendige zorg aan kinderen/jeugd met een verstandelijke beperking van 0- 18 jaar blijft DTZC bieden, passend binnen de nieuwe kaders, mogelijkheden en financiering en op welke wijze geven wij dat vorm.

 

Projectstructuur

Voor de doelgroep jeugd zijn een drietal werkpakketten samengesteld, globaal te onderscheiden in intramuraal, extramuraal en zorg/onderwijs. De werkpakketten zijn samengesteld uit medewerkers van Wonen & Dagbesteding en DBZ uit alle drie de regio’s. De werkpakketten worden aangestuurd vanuit een stuurgroep.

 

Opdracht/ resultaten

De werkpakketten hebben ieder als opdracht om al snel, voor 1 juni , de eerste resultaten op te leveren. Vanuit ieder werkpakket komt er dan als resultaten:

  • Een Plan van aanpak met daarin de praktische uitwerking van de opdracht, concretisering van de te behalen resultaten, randvoorwaarden en opties voor samenwerking met partners
  • De uitgewerkte scenario’s op aantallen, producten, financiën, samenwerkingsopties en per scenario een risico-inventarisatie (cliënt, medewerker, organisatie)
  • Een aandeel in het advies aan het MT voor de strategie 18-

 

Met deze resultaten wordt dan deze projectfase afgesloten en krijgt het, na bespreking en besluitvorming in het MT, zeker een vervolg.